Ik ben een liefhebber van de boeken van Haruki Murakami. In één van de verhalen uit ’Na de aardbeving’ volgt Yoshiya een man van wie hij meent dat het zijn biologische vader is. Het spoor dat hij, in de donkere nacht volgt, brengt hem uiteindelijk midden in een groot honkbalstadion. Hij staat op de werpheuvel en kijkt om hem heen. Van de man geen spoor. Maar dan gebeurt er dit:
“Yoshiya zette zijn bril af en stopte hem in zijn trui. Dansen, dacht hij. Waarom niet? Zo’n slecht idee is dat niet. Nee hoor, helemaal niet! Hij sloot zijn ogen, voelde het maanlicht op zijn huid, en zo begon hij in zijn eentje te dansen. Hij ademde diep in en uit. Omdat hij zich geen muziek kon herinneren die precies bij zijn stemming paste, danste hij op het ritme van het ruisende gras en de drijvende wolken. Na een poosje had hij het gevoel alsof er iemand ergens naar hem stond te kijken. Zijn huid, zijn botten, zijn hele lichaam vertelden hem dat iemand hem in zijn gezichtsveld had. Hij trok zich er niets van aan. Laat ze maar kijken, het kon niet schelen wie. Gods kinderen dansen allemaal.
Zijn voeten stampten op de grond, zijn armen zwaaiden vol zwier. De ene beweging leidde als vanzelf tot de volgende, en die wéér tot de volgende. Zijn lichaam beschreef geometrische figuren met patronen, variaties, improvisaties. Achter het ritme zat een ander ritme, en onzichtbaar tussen die twee ritmes in verschool zich weer een ander.Op strategische punten kon hij overzien hoe al die gecompliceerde bewegingen in elkaar grepen.”
Wie wil dit nu niet!
Gods kinderen dansen allemaal
Shaun Tan
Over creatieve expressie gesproken. Australiër Shaun Tan is de creator van ongelooflijk mooie en unieke graphic novels, als The Arrival en The Lost Thing. Een lust voor het oog en voedsel voor de ziel.


